Minnertsga hûnegat Minnertsga hûnegat

De geschiedenis van het dorp is dus veel ouder dan de rest van de gemeente het Bildt, waar Minnertsga pas sinds 1984 deel van uit maakt. In de vroege Middeleeuwen was het een eiland. De monniken van het Lidlumer klooster zorgden voor de bedijking. De naam Minnertsga komt in 1168 voor het eerst in de boeken voor als bisschop Godefried van Utrecht voor als hij de helft van de kerkelijke goederen, inclusief de omstreeks 1120 gebouwde parochiekerk van "Minnersghae" schenkt aan frater Eilwerd van Ludingakerke. Als je Minnertsga nadert zie je van verre de kerk met zijn robuuste toren, die qua grootte en ouderdom zijn gelijke in de omgeving niet kent.
De tegenwoordige kerk werd omstreeks 1450 gebouwd. Met de bouw van de robuste meer dan 40 meter hoge toren is men begonnen op 23 mei 1505, zoals te lezen staat op de rode Bremer dorpelsteen, die links van de ingang in de toren is ingemetseld. In de wanden van de toren komen oude deurtjes voor. De ene geeft toegang tot de torentrap. De andere deur in de toren geeft toegang tot het z.g. "hunegat" (hondegat), een cel die geheel in de 2,65 meter dikke muur is uitgespaard. Hier werden de Minnertsgaaster misdadigers opgesloten om te worden afgeranseld met zogenaamde 'keallepoaten' (kalverpoten), lederen knuppels.
Keallepoaten werd ook de bijnaam voor de inwoners.De toren had bij de bouw een hoge spits die in 1552 getroffen werd door de bliksem en te pletter viel. In de westzijde van de toren staat het jaartal 1818. Dit geeft niet het bouwjaar van de toren aan, maar de restauratie van het zadeldak. De door de protestanten geconfisqueerde kerk staat een meter hoger, doch is niet op een terp maar op aarde uit de gracht rondom de kerk. Deze gracht liep door tot bij de gracht van de boerderij Groot Hermana, waar in vroege tijden het slot van het steenrijke geslacht Hermana stond. Bij de brand van 3 juni 1947 werd de kerk met de massieve toren bijna verwoest, maar in 1955 stond de kerk er toch weer bij, zoals hij er nu ook nog uitziet. De oude grafstenen die voor het koor liggen komen uit de gesloopte Galieërkerk te Leeuwarden. Zo zijn er vele kerken met een 'hûnegat', een kleine ruimte waar mensen tijdelijk in werden opgesloten. Meinardskerk

terug