zondag 10 juli 2022

Kerkdienst

Locatie: 
 Meinardskerk
Tijdstip: 
 9.30 uur

Voorganger: ds. J. Lindeboom
Collecten: Kerk en Pastoraal Werk
                              
Klik hier voor het live bekijken 
                                        

luisteren via kerkomroep  -> alleen geluid



Welkom

Aansteken van de paaskaars
Liet 598 3x
Kom as it tsjuster is mei fjoer dat ús nacht ferljochtet en dat bliuwt, fjoer dat altyd bliuwt. Kom as it tsjuster is mei fjoer dat ús nacht ferljochtet en dat bliuwt, fjoer dat altyd bliuwt.

Stilte

Lied 66: 1 & 7
1. Breek, aarde, uit in jubelzangen,
Gods glorierijke naam ter eer.
Laat van alom Hem lof ontvangen.
Geducht zijn uwe daden, Heer.
Uw tegenstanders, diep gebogen,
aanvaarden veinzend uw beleid.
Heel d' aarde moet uw naam verhogen,
psalmzingen uwe majesteit.

7. De naam des Heren zij geprezen!
Hij, die getrouw is en nabij,
heeft mijn gebed niet afgewezen.
De Heer is goed geweest voor mij.

Bemoediging en groet

Lied 103c: 1
1. Ere zij aan God, de Vader,
ere zij aan God, de Zoon,
eer de Heilge Geest, de Trooster,
de Drieëenge in zijn troon.
Halleluja, halleluja,
de Drieëenge in zijn troon!

Er op uit!

SoW 118: 1 & 3
1. Door de wereld gaat een woord
en het drijft de mensen voort:
‘Breek uw tent op, ga op reis,
naar het land, dat Ik u wijs’.

Refrein: Here God, wij zijn vervreemden
door te luist'ren naar Uw stem.
Breng ons saam met Uw ontheemden
naar het nieuw Jeruzalem.

3. Menigeen ging zelf op pad,
daar hij thuis geen vrede had.
Eeuwig heimwee spoort hem aan,
laat ook hem het Woord verstaan.
Refrein

Gebed

SoW 125
Refrein:
Jezus is de goede Herder.
Jezus, Hij is overal.
Jezus is de goede Herder,
brengt mij veilig naar de stal.

1. Als je ‘s avonds niet kunt slapen
en je bang in ‘t donker bent,
denk dan eens aan al die schaapjes,
die de Heer bij name kent.
Refr.

2. En wanneer je soms alleen bent
en je hart is vol verdriet,
denk dan aan de goede Herder,
Hij vergeet zijn schaapjes niet.
Refr.

Kinderen gaan naar de kinderkerk

Lucas 10: 1-11 en 17-20
1 Daarna stelde de Heer tweeënzeventig anderen aan, die Hij twee aan twee voor zich uit zond naar iedere stad en plaats waar Hij van plan was heen te gaan. 2 Hij zei tegen hen: ‘De oogst is groot, maar er zijn weinig arbeiders; vraag dus de eigenaar van de oogst of Hij arbeiders wil sturen om de oogst binnen te halen. 3 Ga op weg, en bedenk wel: Ik zend jullie als lammeren onder de wolven. 4 Neem geen geldbuidel, geen reistas en geen sandalen mee, en groet onderweg niemand. 5 Als jullie een huis binnengaan, zeg dan eerst: “Vrede voor dit huis!” 6 Als er iemand woont die de vrede liefheeft, zal jullie vrede met hem zijn; zo niet, dan zal die vrede bij je terugkeren. 7 Blijf in dat huis, en eet en drink wat men je aanbiedt, want de arbeider is zijn loon waard. Ga niet van het ene huis naar het andere. 8 En als jullie een stad binnengaan en daar welkom zijn, eet dan wat je wordt voorgezet, 9 genees de zieken die er zijn en zeg tegen hen: “Het koninkrijk van God heeft jullie bereikt.” 10 Maar als jullie een stad binnengaan waar je niet welkom bent, trek dan door de straten en zeg: 11 “Zelfs het stof van uw stad dat aan onze voeten kleeft, schudden we van ons af en laten we bij u; maar bedenk wel: het koninkrijk van God is nabij!”
17 De tweeënzeventig keerden vol vreugde terug en zeiden: ‘Heer, zelfs de demonen onderwerpen zich aan ons bij het horen van uw naam.’ 18 Hij zei tegen hen: ‘Ik heb Satan als een lichtflits uit de hemel zien vallen! 19 Bedenk wel: Ik heb jullie de macht gegeven om slangen en schorpioenen te vertrappen en om de kracht van de vijand te breken, zodat niets jullie kan schaden. 20 Verheug je er echter niet over dat de geesten zich aan jullie onderwerpen, maar verheug je omdat jullie naam in de hemel opgetekend is.’

Exodus 3: 1-6 en 11-14 en 4: 1
1 Mozes was gewoon de schapen en geiten van zijn schoonvader Jetro, de Midjanitische priester, te weiden. Eens dreef hij de kudde ver de woestijn in, en zo kwam hij bij de Horeb, de berg van God. 2 Daar verscheen de engel van de HEER aan hem in een vuur dat uit een doornstruik opvlamde. Mozes zag dat de struik in brand stond en toch niet door het vuur werd verteerd. 3 Hoe kan het dat die struik niet verbrandt? dacht hij. Ik ga dat wonderlijke verschijnsel eens van dichtbij bekijken. 4 Maar toen de HEER zag dat Mozes dat ging doen, riep Hij hem vanuit de struik: ‘Mozes! Mozes!’ ‘Ja, ik luister,’ antwoordde Mozes. 5 ‘Kom niet dichterbij,’ waarschuwde de HEER, ‘en trek je sandalen uit, want de grond waarop je staat, is heilig. 6 Ik ben de God van je vader, de God van Abraham, de God van Isaak en de God van Jakob.’ Mozes bedekte zijn gezicht, want hij durfde niet naar God te kijken.
11 Mozes zei: ‘Maar wie ben ik dat ik naar de farao zou gaan en de Israëlieten uit Egypte zou leiden?’ 12 God antwoordde: ‘Ik zal bij je zijn. En dit zal voor jou het teken zijn dat Ik je heb gestuurd: als je het volk uit Egypte hebt weggeleid, zullen jullie God bij deze berg vereren.’
13 Maar Mozes zei: ‘Stel dat ik naar de Israëlieten ga en tegen hen zeg dat de God van hun voorouders mij gestuurd heeft, en ze vragen: “Wat is de naam van die God?” Wat moet ik dan zeggen?’ 14 Toen antwoordde God hem: ‘Ik ben die er zijn zal. Zeg daarom tegen de Israëlieten: “IK ZAL ER ZIJN heeft mij naar u toe gestuurd.”’
4: 1 Weer maakte Mozes bezwaar. ‘Ze zullen me vast niet geloven en niet naar me luisteren,’ zei hij. ‘Ze zullen zeggen: “De HEER is helemaal niet aan jou verschenen.”’

Lied 280: 1, 5 & 6
1. De vreugde voert ons naar dit huis,
waar ’t woord aan ons geschiedt.
God roept Zijn naam over ons uit
en wekt in ons het lied.

5. Onthul ons dan Uw aangezicht,
Uw naam, die met ons gaat
en heilig ons hier met Uw licht,
Uw voorbedachte raad.

6. Vervul ons met een nieuw verstaan
van ‘t woord, waarin Gij spreekt
en reik ons zelf als leeftocht aan
het brood, dat Gij ons breekt.

Verkondiging

Lied 1005: 2 & 5
2. Zoekend naar rust zijn wij vol zorgen,
zoekend naar hoop, troost in uw woord.
Spreek door ons heen tot de verdrukten,
zo wordt uw stem gehoord.
Christus, ons licht,
schijn door ons heen, schijn door het duister.
Christus, ons licht,
schijn ook vandaag, hier in uw huis.

5. Met zoveel gaven aan ons gegeven,
voor zoveel leed, zoveel gemis.
Maak ons uw dienaars, leer ons te delen,
totdat uw rijk hier is.
Christus, ons licht,
schijn door ons heen, schijn door het duister.
Christus, ons licht,
schijn ook vandaag, hier in uw huis.

Gebed
Collecte

Liet 425
Wy gean mei jo segen bliermoedich ús wegen,
jo wurd fan omhegen joech ús nije moed.
Hy dy’t ús behâld is, it ljocht fan ‘e wrâld is,
wol waarmje wat kâld is mei syn leafdegloed.
Wat Kristus ús learde is sied ta bekearing,
wy siedzj’ it op ierde en wachtsj’op wat komt.
En ûnder de hoede fan Him dy’t ús stjoerde
sill’leafde en goedens aanst dije rûnom.


Zegen
 

terug