Geloven in coronatijd Geloven in coronatijd
Geloven in coronatijd. Het kan best een opgave zijn. Hannie en Aalzen de Haan en hun buurvrouw Lydia hadden niet alleen te maken met corona, maar met nog veel meer verdrietigheden. En toch hielden ze het geloof vast en het geloof hen. In deze Adventskrant doen ze hun verhaal.

Ik ben Hannie, getrouwd met Aalzen en samen hebben wij een fijn gezin en zijn wij bovendien gezegend met drie prachtige kleinkinderen.
In de themadienst van zondag 20 september werd de volgende vraag aan de gemeente gesteld: Gaf het geloof u voldoende vertrouwen? En dan in het bijzonder in coronatijd? Ik vertelde toen in het kort wat wij hadden meegemaakt en over de momenten waarop wij Gods nabijheid en leiding hebben mogen ervaren. Naar aanleiding van dit antwoord werd mij gevraagd om het op te schrijven. Dat zal ik proberen.

Het verhaal gaat over Lydia. In mei 2019 leerde ik Lydia kennen op haar trouwdag omdat ze naast ons kwam wonen. Lydia komt uit Suriname. Ze verbleef al in Nederland en leerde hier haar man kennen via een christelijke datingside. Door omstandigheden trouwden ze al snel. Ik maakte die dag kennis met Lydia en feliciteerde hen. Als naaste buren hadden we een bos bloemen gekocht en de vlag met ballonnen uitgehangen. Drie weken later reisde Lydia voor bepaalde papieren en een inburgeringscursus terug naar Suriname. Ik heb haar nog een goede reis gewenst. Later hoorde ik dat het toen al niet goed ging tussen haar en haar man. Eind december waren alle papieren in orde en kwam Lydia terug naar Minnertsga.

Ik ging af en toe even bij Lydia langs en leerde haar kennen als een sympathieke, gelovige en intelligente vrouw die altijd in haar eigen onderhoud en dat van haar gezin had voorzien. In haar kerkelijke gemeente in Suriname had ze veel gedaan aan goede werken en het uitdragen van haar geloof. Al gauw bleek helaas dat zij en haar man met verschillende verwachtingen het huwelijk in waren gegaan. Er ontstonden problemen die met het verstrijken van de tijd alleen maar groter werden.

Zo gebeurde het dat Aalzen en ik de vertrouwenspersoon van Lydia werden. Omdat Lydia hier vreemd was, en buiten ons niemand in het dorp kende, werden wij haar toevluchtsoord. Ook als wij niet thuis waren dan kon zij altijd verblijven in ons huis. Ik deed mijn best om in bepaalde situaties te bemiddelen. Zo ook die eerste keer dat er sprake was van een scheiding en zij naar mij toe kwam. Hier kwamen ze later gelukkig weer op terug. Wel vroeg ik alvast verscheidene instanties wat ik in een dergelijke situatie kon doen om te helpen. Ik werd doorverwezen naar allerlei instanties die mij raad konden geven en mij vertelden wat ik in het geval van moeilijkheden voor hen kon betekenen. Het probleem was dat Lydia in het geval van een vroegtijdige scheiding, meteen op het vliegtuig naar Suriname gezet zou worden. En daar was zij heel bang voor. De instanties stonden me bij en er werd mij op het hart gedrukt om alle essentiële gebeurtenissen, ook met terugwerkende kracht, bij te houden en op te schrijven. Met andere woorden: alles documenteren. Dat hebben we toen gedaan.

Inburgeren in Minnertsga
Ik probeerde Lydia geregeld uit haar thuissituatie te halen zodat zij en haar man tijd hadden om tot zichzelf te komen. We zijn samen naar de S.W.O. middagen geweest, naar de kaartenmakersgroep en ik heb haar opgegeven bij het Breicafé. Met hulp van derden mocht ik ook met haar naar een intakegesprek van de plaatselijke Dagbesteding. Zo probeerden we de dagen dragelijk te maken.

In maart bezochten Aalzen en ik met Lydia een kerkdienst waarin dominee Speelman voorging. Wonder boven wonder ging de preek over de problemen waar wij op dat moment mee te maken hadden. Het was alsof we een antwoord kregen op onze vragen. Toen dominee vroeg of hij voor mensen in het bijzonder moest bidden, verzamelde ik moed en riep vanuit de kerk: “voor de buren!” Hij bad onder andere: Vader in de hemel, wij bidden ook voor onze buren. Wij kennen hun situatie niet, Heer, maar die is bij u bekend. Wilt u hen steunen en helpen in de omstandigheden waarin zij verkeren en zegen ook deze zuster die zich het lot van haar buren aantrekt en geef haar de kracht om hen tot een zegen te zijn. Wij huilden alle drie; dit voelde na alle spanningen als een warme deken. Het gebed gaf ons kracht om verder te gaan.

Bijzonder was dat door de omgang met Lydia voor ons de bijbeltekst over ‘bezorgdheid’ tot leven kwam, namelijk Matt. 6,19-34 waar staat: weest in geen ding bezorgt… …Ze bezat niets... …maar er werd elke dag voor haar gezorgd!

Lockdown
Helaas kwam toen de eerste lockdown en ging alles waar ik met Lydia naartoe was geweest op slot. Allerminst bevorderlijk voor de situatie waarin zij en daardoor ook wij, ons bevonden. Tot overmaat van ramp kreeg Lydia kiespijn. De meeste tandartspraktijken waren gesloten en dus belandden we op het spoedspreekuur van een praktijk in Franeker. Ik belde al voor negenen om een afspraak te maken maar dat was nog te vroeg. Tot mijn verbazing belde de dienstdoende tandarts zelf weer terug en legde ik het probleem uit en vroeg naar de onkosten omdat Lydia niet over eigen geld beschikte en bang was voor wat het allemaal zou gaan kosten, al had ik haar verzekerd dat wij met liefde voor haar zouden betalen. Hij zei dat dat van later zorg was. Dus even later met z’n drieën in de auto gestapt en op naar Franeker. Lydia werd naar tevredenheid geholpen. Toen we wilden betalen werd ons verteld dat er al was betaald. Wij stonden met de mond vol tanden en vroegen hem hoe dit mogelijk was. Hij legde uit dat een bevriende gelovige collega di week daarvoor al voor de patiënten op het spoedspreekuur had betaald. Het was de tijd voor Pasen en onder het mom van: Jezus heeft voor ons allemaal betaald, schonk hij deze ochtend de spoedbehandelingen. Wederom stonden Lydia en ik te snotteren van verbazing en pure verwondering omdat het wéér voelde als een teken van boven en zij wederom een antwoord kreeg. Ik moet hierbij vermelden dat Lydia een heel gelovige vrouw is die in deze zware tijd, al haar vertrouwen op God stelt en daar ook elke dag haar kracht uit haalt. Ze dankt God elke dag dat hij ons op haar pad heeft gebracht, bidt om zijn Leiding en dankt eerst God en daarna degenen die op haar pad komen om haar te helpen.

De lockdown duurde voort. Ik heb een immuunstoornis, C.V.I.D. en C.O.P.D. Hierdoor lig ik al vijftien jaar vierwekelijks aan het infuus en ben al vaak ernstig ziek geweest, onder andere longontsteking en borstvliesontsteking. Om deze reden werd ik zeven jaar geleden ook afgekeurd. Dus u kunt zich misschien voorstellen dat ik behoorlijk bang voor het coronavirus was. Mede doordat een neef (40 jaar) van ons hierdoor zo ziek is geweest dat hij het op het nippertje heeft gehaald.

Behalve mijn tweede zoon kwamen mijn kinderen en kleinkinderen dan ook niet bij ons thuis wat best wel akelig was. En verder kwam ik ook nergens. Alleen in de winkel(s) op een rustige tijd. Doordat ik mij dagelijks om Lydia en haar echtgenoot bekommerde, had ik eigenlijk geen tijd meer om bang te zijn maar wel tijd om zaken voor haar te regelen. Doordat alles op slot zat en Lydia nu ook niet volgens plan door haar neef en zijn gezin eventjes kon worden opgehaald, zat ze aan huis gekluisterd met uitzondering van de bezoekjes aan ons. Al heel snel verslechterde de situatie en de positief ingestelde en gelovige Lydia veranderde langzamerhand in een bange, verdrietige vrouw. Ze kreeg pijn op de borst en last van haar darmen door de spannende situatie. Je blijft tenslotte wel een mens! Hierdoor werden wij heel ongerust en vreesden voor haar gezondheid. Zodoende belden we naar een opvang waar we haar graag naartoe wilden hebben. Ik had al vaker gebeld maar het was telkens bezet. Maar gelukkig, nu was er een kamer vrijgekomen. Zelfs onze hulpverlener sprak van ‘besturing’ en opnieuw ervoeren wij dat ook zo. Op twee vrije dagen planden Aalzen en ik haar vertrek. Lydia was nu op een goede plek en kon nu rustig bijkomen en met hulp van haar vaste begeleidster proberen weer vooruit te kijken. Wachten op Lydia tijdens behandeling . Verblijfsvergunning Net toen Lydia en ook wij ons een beetje konden ontspannen kwam echter het volgende probleem.

De verblijfsvergunning!
We hadden intussen al een behoorlijk en mijn inziens overtuigend dossier aangemaakt en Aalzen had mij enorm geholpen met het scannen van belangrijke papieren. De door ons ingeschakelde advocaat voor immigratiezaken regelde ook de nodige zaken en toen kwam de dag dat de I.N.D. de benodigde papieren moest hebben en met het oog op dit materiaal een uitspraak zou doen. Terwijl de advocaat er geen nut in zag om het hele dossier door te sturen, omdat er in praktijk verhalen bedacht worden en er hier enorm misbruik wordt gemaakt, stond ik er toch op dat hij dat wèl zou doen. Voor mijn gevoel klopte het verhaal aan alle kanten en kon je het echt niet zo bedenken.
De beslissing zou tot eind september kunnen duren. Tot onze grote opluchting én tot ieders verbazing, van zowel de advocaat als de opvang, kreeg ik eind juni een mail van de advocaat dat de I.N.D. besloten had dat Lydia mocht blijven. De beslissing was binnen een week genomen en de advocaat en alle andere hulpverleners hadden dit nog nooit meegemaakt. Zo snel! Wat waren we blij en boven alles dankbaar en overweldigd dat het gelukt was.

Een paar dagen later kwam het bericht dat we naar Amsterdam moesten om vingerafdrukken te laten afnemen en een foto moesten laten maken. Op een woensdag in juli haalden we Lydia op en vertrokken naar Amsterdam. Ik had voor de zekerheid voldoende drinken en eten mee voor onderweg. Dat bleek achteraf héél verstandig want toen we in Amsterdam aankwamen en ons melden bij de balie werd ons tot onze schrik meegedeeld dat de verblijfsvergunning in Zwolle klaar lag.
Als we in Zwolle terecht wilden moesten we eerst weer een nieuwe afspraak maken. Maar omdat we toch al onderweg waren besloten we om maar meteen naar het gebouw van de I.N.D. in Zwolle te rijden om toch te proberen aan de verblijfsvergunning te komen. Zo gezegd, zo gedaan!

We bespraken in de auto een plan van aanpak en Lydia bedacht alvast wat ze aan het loket zou zeggen. Tot onze vreugde verliep het allemaal vlot en lag haar verblijfsvergunning in Zwolle inderdaad kant-en-klaar op haar te wachten. Toen Lydia nog bezig was, vluchtte ik snel het toilet in om Aalzen allemaal duimen te sturen ten teken dat onze missie, zij het met een omweg, geslaagd was. Toen Lydia en ik opgelucht naar buiten kwamen, riep ik Aalzen, die verderop bij de auto stond te wachten, met de vraag of hij een foto van dit hoogtepunt wilde nemen. Het was in de periode van ‘Black lives matter’ en er stond bij de ingang een groepje buitenlandse mensen te wachten die onze blijdschap om het verkregen bewijs geamuseerd gadesloegen. Dit gaf ons een goed gevoel omdat we zo eigenlijk lieten zien dat omgaan met elkaar ook op déze manier mogelijk was. Wat deze dag eerst vette pech leek, werd later beloond omdat we nu niet nog een keer vrij hoefden te nemen en een lange reis hoefden te maken. We hebben deze dag totaal 532 km afgelegd.

Lydia verbleef intussen al een poos in de opvang. In de vakantie logeerde ze veertien dagen bij de vrienden in Berltsum die haar ook steeds hielpen door hun gastvrijheid en het schenken van benodigdheden waaronder eten en kleding. In die week nodigde de neef van Lydia ons vieren plus Lydia uit, om de verblijfsvergunning te komen vieren met een etentje bij hem thuis, als dank voor wat wij vieren allemaal voor Lydia hadden betekend. Hijzelf was in deze moeilijke periode helaas gescheiden en kon zodoende weinig voor haar betekenen. Het was in de rustige tijd wat corona betrof en we hebben heerlijk Chinees en Indonesisch gegeten. Het was een goed samenzijn.

In augustus kregen we bericht dat de scheiding erdoor was. Voor beide partijen een geruststellende gedachte. Op dit moment zit Lydia nog steeds in de opvang omdat er in haar geval heel veel moet worden uitgezocht en geregeld. Wanneer we tijd hebben dan zoeken we haar op en ook vanuit onze thuissituatie zijn we er elke dag voor haar. Er zijn jammer genoeg wel een aantal teleurstellingen geweest, ook met betrekking tot haar gezondheid. Maar we gaan door tot ze zelfstandig in haar huisje mag wonen en haar eigen leven kan leiden met ons, als vrienden voor het leven, op de achtergrond. Ons vaste grapje is, dat we straks voor de rest van ons leven bij haar op de zondag Surinaams komen eten.

Helaas ben ik in oktober met spoed naar het ziekenhuis geraakt, op de hartbewaking beland en kreeg ik tot mijn schrik te horen dat ik een aangeboren hartafwijking heb. Ik voel mij niet goed en ben gedwongen de touwtjes uit handen te geven en af te wachten of een behandeling mogelijk is en wanneer. Maar samen met Lydia en veel anderen hebben wij ervaren, en nog steeds, dat Hij ons nooit in de steek laat al lijkt dat soms wel zo. Dat we mogen vertrouwen op zijn nabijheid ook al stormt het in ons leven. Als wij ons hart en onze ziel aan Hem toevertrouwen en hem aanvaarden als onze redder en verlosser dan is, zoals een ernstig zieke dorpsgenoot mij vertelde: ‘Onze toekomst verzekerd’, ongeacht wat er gebeurt in ons leven hier op aarde.

We vieren in deze maand de geboorte van Jezus, die voor ons naar de wereld werd gezonden en die door zijn bloed, kruisdood en opstanding de dood heeft overwonnen waardoor wij straks met Hem zijn paradijs mogen binnengaan. We hoeven alleen maar ‘Ja’ te zeggen tegen onze Vader in de Hemel. En zoals de Bijbel vertelt: God heeft nooit een kalme reis beloofd, maar wèl een behouden aankomst!

Wij, Lydia, Hannie en Aalzen wensen u gezegende kerstdagen en een gelukkig en gezond nieuwjaar! 

terug