Het interieur Het interieur
Het interieur

Enkele losse onderdelen zijn nog gered uit de reeds brandende kerk. Deze zijn:
  • een driehoekig fronton van een familiebank met daarin gesneden de wapens van Kamstra en Donia;
  • het deurtje van de oude kansel uit 1668;
  • de toegangsdeur tussen voorkerk en kerk;
  • de vier tekstbordjes 1781;
  • 8 Bijbelboeken;
  • enkele schilderijen;
  • foto’s van het Hinsz-orgel en het interieur;
  • een bord met foto’s van oudgediende voorgangers.
Een groot verlies was het prachtige monumentale Hinsz-orgel. Bij de herbouw 1951-1955 is het interieur zoveel mogelijk weer teruggebracht in de stijl van voor de reformatie.



De kansel is afkomstig uit de gesloten Doopsgezinde vermaning van Blija.

Aan de voet van de kansel staat het doopvont van steen en marmer, gemaakt door de beelhouwer Meefout uit Amsterdam. Op de sokkel staan de vier evangelistensymbolen: de leeuw, het rund, de adelaar en een engel.

Tegen het gewelf van de kerk zijn 11 ornamenten aangebracht met ieder een andere voorstelling. Hier tussen zijn rozetten geplaatst in de hoop hier eens kroonluchters in op te hangen. Twee vrouwenverenigingen n.l.”Wees een Zegen” en “Dorkas” hebben in 1956 de eerste kroonluchter geschonken. Naar dit model zijn in 2002, door gemeenteleden en in samenwerking met machinebedrijf Adema Minnertsga, vier nieuwe kroonluchters gemaakt.

De eerste lamp voor het orgel is geschonken door de gezamenlijke vrouwenvereniging “Wees een Zegen” van de PKN.
terug